In 2016 is het stelsel voor Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLb) van start gegaan, uitgevoerd door veertig collectieven verspreid over Nederland. Samen met koepelorganisatie BoerenNatuur zorgen zij voor samenhang in de uitvoering van het stelsel. Inmiddels wordt de doorontwikkeling van het ANLb vanaf 2023 voorbereid. Het Nationaal Strategisch Plan, de Nederlandse invulling van het nieuwe GLB, bevat daarvoor de contouren.

Momenteel werken in de collectieve aanpak zo’n 11.000 boeren op ongeveer 100.000 ha aan leefgebieden voor vogels en andere soorten in open akkerland, open grasland, droge en natte dooradering, en aan waterdoelen. De uitvoering van het ANLb in de afgelopen jaren en de ‘lerende evaluatie’ door de WUR hebben diverse verbeterpunten opgeleverd. In deze pilot gaan de collectieven ANOG, It Lege Midden en Natuurrijk Limburg en de landelijke koepel BoerenNatuur aan de slag met een aantal verbeterpunten met als doel het ANLb doelgerichter en efficiënter te maken. Daarbij wordt samengewerkt met kennisinstellingen, andere collectieven en ketenpartners RVO en NVWA.

Het uitgangspunt van de pilot is het werken aan doelen op gebiedsniveau. In het huidige stelsel ligt de focus sterk op individuele beheereenheden. Door op gebiedsniveau te gaan sturen is er meer samenhang en flexibiliteit in het seizoen mogelijk en kan tegelijk de uitvoering van de regeling worden vergemakkelijkt. Denk hierbij aan planning, uitvoering, monitoring, controle en evaluatie.

DOEL van de pilot

Specifiek gaat het om de volgende doelen en benaderingen:

  • Een doelgerichte aanpak van het ANLb op gebieds- en bedrijfsniveau. Hiervoor zullen gebieds- en bedrijfsplannen worden opgesteld. De aanpak is meer doelgericht door sterker te sturen op samenhang tussen de verschillende onderdelen van het nieuwe GLB (ANLb, conditionaliteit en ecoregeling) en de individuele bedrijfssituatie. De bedrijven samen zorgen voor realisatie van leefgebieden voor doelsoorten op gebiedsniveau.
  • Verminderen administratieve lasten bij zowel overheid (RVO en NVWA) als bij collectieven. Dat willen we bereiken door te verkennen of (een deel van) de veldcontroles door de NVWA en meldingen van uitgevoerd (of gewijzigd) beheer kan worden vervangen door monitoring met satellietbeelden. En door het principe “controleer de controleur”, waarbij de uitvoering van de schouw door collectieven een prominentere rol krijgt.
  • Versterken effectiviteit van beheer door adaptief beheer en door te verantwoorden op gebiedsniveau. Adaptief beheer speelt in op de situatie in het veld en wordt niet belemmerd door vooraf vastgelegde kalenderdagen waarop beheer moet zijn uitgevoerd. Ook hierbij kan het monitoren met satellieten een belangrijke rol spelen.
  • Effectiever benutten van verschillende databronnen bij zowel de wettelijk verplichte controles als bij het monitoren van resultaten ten behoeve van de evaluatie van beheer en beleid.Wanneer gegevens van controles, schouw, beheer- en beleidsmonitoring worden gecombineerd, levert dat inzichten die effectiever beheer mogelijk maken. Ook worden nieuwe methodes ingezet zoals het gebruik van een habitat-scorecard.

UITVOERING

De pilot kan gezien worden als een systeempilot die uitzoekt hoe er sterker op resultaten gestuurd kan worden door verbetering van de planning, monitoring en verantwoording op perceels-, bedrijfs- en gebiedsniveau. Daarbij liggen er belangrijke aanknopingspunten in de huidige aanpak: een gebiedscontract op hoofdlijnen tussen provincie en collectief en gedetailleerde individuele contracten tussen collectieven en deelnemers.

De pilot wordt uitgevoerd in pilotgebieden waarin reeds ANLb wordt uitgevoerd voor de leefgebieden open grasland, open akker en droge dooradering. Dit wordt aangevuld met enkele veldmaatregelen ter versterking van de mozaïeken, clusters en dooradering, vooral ook om samen met deelnemers te verkennen wat er haalbaar is op bedrijfs- en gebiedsniveau.

In samenwerking met Sovon, WEnR, RVO en NVWA wordt verkend hoe nieuwe werkwijzen en technieken kunnen worden ingezet in het nieuwe GLB biedt ter verbetering van beheer, monitoring en verantwoording.

De looptijd van de pilot is augustus 2021-december 2023. Voor elk leefgebied zal een klankbordgroep met enkele andere collectieven worden geformeerd. De veldmaatregelen zullen in 2023 worden uitgevoerd.

CONTACTGEGEVENS:

Open akker, ANOG (penvoerder): Marjon Schultinga, mschultinga@anog.nl

Open grasland, It Lege Midden: Jitze Peenstra, j.peenstra@itlegemidden.nl

Droge en natte dooradering, Natuurrijk Limburg: Harm Kossen, kossen@natuurrijklimburg.nl

Monitoring en remote sensing, BoerenNatuur (koepelorganisatie): Willemien Geertsema, wgeerstema@boerennatuur.nl

“Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland”

Laat een reactie achter